Beurms woordenboek: woorden en gezegdes uit Bornem

Ontdek het Beurems: 621 Bornemse dialectwoorden en 38 gezegdes met hun betekenis in het Algemeen Nederlands.

Het Beurems is het dialect van Bornem in Klein-Brabant, een variant van het Zuid-Brabants. Spelling en varianten zijn overgenomen uit de bron.

38 Bornemse gezegdes en hun betekenis

patatten weg peiren
aardappelen weg kappen
Bettemakemaai
Bijt hij als ik hem streel
witzwing
blond haar hebben
dat is trappekes volk
dat is marginaal volk
Zo nat as mes
Doornat
en kaarlees
een karspoor
Een mot oep a bakkes geve
Een tik op je mond geven
schörp geven
er in vliegen
ne floeren aup verschieten
erg schrikken
betoale me peeschaave
geen geld hebben om te betalen
edde gaei
heb jij?
oep nen ik en ne gij
heel snel
Eiren of joenk
Het is het een of het ander
t is kout van den iëne
het is kwart voor 1
deen ei gene naugel veu on zen gat te krabbe
hij heeft geen geld
van tien negen
hoogst waarschijnlijk
a eighet werm water uitgevonne
iemand die niet erg snugger is
ik ston ie veu pietsnot
Ik sta hier voor niets te wachten
in ’t slameur zitten
in het vuil zitten bij werkzaamheden
tèffere
in mekaar knutselen
ze s zo
in verwachtin zijn
Gij het ne kop oem stront oep te sorteren
Je bent lelijk
veu de rest zjatten en talloren
laat maar
mottigen doefas
lelijkaard
mieaakaawouaaMiekaaoepdemetaaMiekaa
Mie had kou waar had Mi kou op de markt had Mie kou
tzal wel gon e zal wel ston
t zal wel gaan hij zal wel staan
tot fleus
tot straks
Goa et woater in a kelder zeker
Uw broek is te kort
zènne kak intrekke
van gedacht veranderen
scha kat
vrouw met humor
tis kerremus in dhel
wanneer de zon schijnt terwijl het regent
cinema verniet
wanneer je een vrouw haar slip kan zien
kust na mijne frak!
wat heb je me daar!
wa ri ke ki kie? ri ke kik na kak oef kak ke kik ie na?
wat ruik ik hier nu, ruik ik hier nu kak of kak ik hier nu?
we zen nog ni oan de nuuf patatte
we zijn er nog lang niet
bone frette
zich ergeren
zen kas oepfrette
zich ergeren
oep de wilden boef af
zonder nadenken

Beurms woordenboek: 621 dialectwoorden

Bornemse dialectwoorden met hun Nederlandse betekenis. Sommige woorden hebben meerdere vormen; die staan afzonderlijk in de bron.

Woorden met A

a zoe
zo
aaft aven bebbel
zwijg!
aat
hout
achterwaores
vroedvrouw
aed
hard
affeseren
vooruitgaan
afrein (gès)
maaien (gras)
afrijzer
glijbaan
aftrekker
flessenopener
ageneir
eigenaar
akkelaer
stotteraar
akkeuzze
kans
aksident
ongeval
alaam
bestek
ale
jullie
almenak
kalender
ambalöze
inpakmateriaal
ambras
ruzie
ammelauken
tafelkleed
ank
schouwblad
Ank
Vensterbank
anne
handen
appaut
appart
appeltrut of appelspijs
appelmoes
arleuze
uurwerk
arleuzze
horloge
aschrant
vrank
asgrance
Verzekering
assepot
asbak
astemblieft
alstublieft
aup
aap
aussakker
valsspeler
aussem
adem
aussemen
ademen
auvet
avond
avesere
vooruitgaan
azaain
azijn

Woorden met B

baa
bij
badkostum
badpak
Bakkes
Mond
banan
banaan
baren
golven (op water)
bariel
slagboom
basch
dekzeil
baskul
weegschaal
basse
blaffen
basseng
zinken bad
baumus
herfst
baumus (boumus)
wreed slecht weer
baut
baard
bavet
slab
bechompt
verlegen
beenaver
slager
bees
snoepje
bekan
bijna
bekanst
bijna
bekeuzeld
besmeurd
beleke
prentje
benaat
bang
bèrreke
onderlegger
betoeterd
zot
beukpaen
buikpijn
beurrem
bornem
beustel
bezem
beuze geve
snel zijn
bie
bij (insekt)
bies
schommel
biezen
schommelen
BIJGANG
STOEP
bijval
charcuterie
bitter pee
chicorei
blaasel
blauwsel
blaat
blauw
blaffeture
vensterluiken
blaffetuur
blind(luik)
blaffetuur
luik
bleite
wenen
bloemekee
ruiker
blok
houten klomp
bodding
broodpudding
boekske
weekblad
boëm
boom
boeverabaver
halsoverkop
borduur
stoeprand
Borlavraa
Windhoos
Bostroo
Baasrode
botskes
straks
botten
laarzen
botteram
boterham
brangelet
armband
brembezen
bramen
brifke
briefje
buttagaaz
butaangas
buzze geive
alles geven

Woorden met C

charet
kinderbuggy
chepap
ventiel
col
lijm
crochet
haakpen

Woorden met D

da
dat
da is bekanst verniet
dat is goedkoop
da zie zo zwet as mollekeskloten (of zo zwet as schuppe zot)
dat is heel vuil (zwart)
de blaa
liberalen
De Kolonie
Branst
de roet
spoorweg
de roo
sosialisten
de wijt
Weert
den afgank
diarree
den troep
leger (het)
destag
dinsdag
desteren
platdrukken (petatjes)
deust
dorst
dië zie zen aege ni geire
onvriendelijk persoon
diksjonair
woordenboek
djaiversbroek
spijkerbroek
doak
dijk
doikelen
koprol
doktoor
dokter
droogzwierderke
centrifuge
droogzwierderke
kledingcentrifuge

Woorden met E

è floere moizeke
vagina
e karoëm
een ruitjeshemd
eekenis
lies
een bees
een snoepje
een wittepen
blond haar hebben
Eimusse
Hemiksem
eirekoek
omelet
eirrebol
knikker
eirremoei
armoede
eisstoel
slee
eite
erwten
em
hemd
emdrok
vest van kostuum
emellichte
bliksemen
emme
hebben
emmeke
dameshemd (ondergoed)
empermijabel
regenjas
eneigeteur
Hij heeft het in de gaten
eps
hesp
et
hart
eulder
jullie
eule
hunne
eullef
elf
euning
honig
euppeling
hoofdkussen
eure
hare
euzzel
horzel
extrement
muziekinstrument

Woorden met F

factuir
postbode
fezelen
fluisteren
flaa
flauw
fleus
straks
fleutje
fluitje
floer
fluweel
floremois
vleermuis
floschke
kwastje
fluweijn
sloop
foefelaer
bedrieger
frak
jas
fricandon
gehaktbrood
frigo
koelkast
frut
frieten
frutkot
frituur
fuiter
vilt

Woorden met G

gaat
goud
gaatvis
goudvis
galosse
overschoenen
gaun
gaan
gazet
krant
gedoen of doening
gebouw
Gedon
Gedaan
Gedon
Stuur
gedong
fietsstuur
gekapt
gehakt
gelegans
helemaal
gemak
WC
gemokt
gemaakt
gère
graag
gernoot
garnaal
gerokthait
beroerte
gès
gras
getingeld
geneteld
gevonne
gevonden
gijen lijege
geen haast
goairslaoge
bewaren
golfke
damesvestje
Gon
Gaan
gordaën
gordijn
gouerslauge
zorg voor dragen
gruun
groen
gruun aat
onmin
gunstag
woensdag
gunstdagauvet
woensdagavond

Woorden met H

haurzak
bedrieger
heddet in de mot?
Heb je het door?
hei
heeft
hemdrok
jas
Hemtrok
Colbertjas
hoge nek
rolkraag

Woorden met I

iekenisse
liesstreek
iëmer
emmer
ieverans
ergens
in aan tram kruipen
naar bed gaan
Iteulle
Italië

Woorden met J

jeir
grond (zand)
jeirebees
aardbei
jenoffel
anjer
jeuksel
jeuk
jeulder / eule
jullie

Woorden met K

ka schotel
koude schotel
kaa
kou
kaa pla
koude schotel
kaat
koud
kabas
tas
kaffee
koffie
kaffee me melk
beige
kakajo
cacao
kakkestoel
kinderstoel
kanaschière
boekentas
kapoot
motorkap
karokes
ruiten
kas
kast
kase
kousen
kase
sokken
kaut
kaart
keikes
kiezeltjes
keis
kaas
keizemus
mees
kek es
zie eens
kem
ik heb
kerremus
kermis
Kesmus
Kerstmis
keunegin
koningin
keuning
koning
keutje
kaartje
kezze
kersen
kieke
kip
kikves
kikker
kipkap
geperst vlees
kjeis
kaars
klak
pet
klappen
praten
klèffere
klauteren
klèffere
klimmen
knijt
snars
knijt
zier
knoessels
enkels
knop
knoop
kodak
fototoestel
koebber
mannelijke duif
koeffer
kofferbak
koei
koe
koem
kookpot
koem
teiltje
kol
kraag
kornis
dakgoot
koteren
poken
koteroak
vuurpook
kozein
neef
krans
halsketting
kreimgelas
ijsje
Krodde
waterhoen
krolle
krulspelden
krowaugen (ne)
kruiwagen

Woorden met L

lampedair
tafellamp
langen
stelen
langst
langs
lank
lang
lawaat
lawaai
leap
sluw
lee
lende
leer
ladder
legume
groenten
leiper
lepel
lèmme
schaap
lijvaat
lijnwaad =linnen
lippekeszalf
lippenbalsem
loeipe
lopen
loemerte
schaduw
luzze
afdak

Woorden met M

maasse
meid
maske
meisje
maskeszot
meisjesgek
mauger
mager
maun
maan
mediène
dadelijk
méreged
morgend
merrege
morgen
merremut
koperen ketel
messing
komposthoop
met
markt
meulder
meikever
meule
molen
meundag
maandag
meurreg
gaar
meuttel
mortel
mieke langepoat
spin
mis
kerkdienst
moembakkes
masker
mois
muis
mostaut
mosterd
mot
slag
motchikelet
motorfiets
mottig
misselijk
mozegat
afvoerpijp
murezieker
mier
mutte
kalf
muttekeskniën
X-benen
muug
moe

Woorden met N

naa
nu
naftpoemp
benzinestation
naugelboak
navel
ne
een
ne apsjaar
een klaploper
ne stamp in zen buzze
een trap tussen zijn benen
neffes
naast
neig
hard
nen ank
vensterbank
nen broane
bruin bier
nen fretterhijt
onvriendelijk persoon
nen televies
een televisie
nesteling
veter
nestlinge
nestels
neulle
naald
neutsjes
nootjes
nevest
naast
ni
niet
niveranstnie
nergens
noam
naam
noenkel
oom
nonkel
oom
nor
naar
nuuf
nieuw

Woorden met O

oarzak
vals spelen
oeg
oog
oemmes
immers
oep
op
oepgeborrege
opgeborgen
oepgebrocht
grootgebracht
oepgetalloord
opgemaakt
oepnemer
dweil
oerebelle
oorringen
oevejarrig
stoefen
ois
huis
ole
olie
on
aan
onderzuuk
onderzoek
onzent
ons
oppuus
oppuurs
ottoo
auto

Woorden met P

pààze
denken
pairelair
perenboom
pakske
cadeautje
pakske
pakje
paraa
prei
pardaf
chicorei
pardaf, bittere
chicorei
paruk
pruik
pas
identiteitskaart
pateke
gebakje
peir
peer
peirel
parel
pekes
wortelen
pensionout
kostschool
peperkoren
moedervlek (jes)
peretten
kabaal
permentelijk
waarlijk
pernot
bloot
pertang
nochtans
petat
slag
pez
perzik
pier
regenworm
pijper
peper
pijrel
parel
pikkele
picles
pillen
batterijen
pillicht
zaklamp
pineis
duimspijker
pint
glas (drank)
pisbloem
paardenbloem
pisdoek
luier
pjaire gereukt
paardenvlees
pjairenoeg
spiegelei
pjait
paard
pjeid
paard
pjeirenoeg
spiegelei
pjeirestjeit
Paardestaart
pjeit
paard
plak
nummerplaat
PLANCIER
STOEP
plansier
trottoir / koer
plasier
stoep
plastieke
plastic
plastron
das
plaut
plaat
plekker
pleister
plekker
stukadoor
pleuster
gips
pleuts
plaats
pleuts
woonkamer
podding
pudding
poeier
poeder
poembak
gootsteen
poemp
pomp
poempeloereke
Kikkervisje
poempkot
bijkeuken
poep
pop
poit
kikker
polle
handen
portrettentrekker
fotograaf
posjense
geduld
Posse
Pasen
pots
muts
pottekarré
potten en pannen
pottemanee
geldbeugel
Pouse
Pasen
praum
pruim
priemen
breinaalden
pries
stekker
proim
pruim
Puus
Puurs

Woorden met R

radeskes
radijzen
raigen
regen
raps
rasp
rayon
spaak
rekske
elastiekje
rezzekes
eventjes
rèzzekes
nipt
roan
rijden
robe
nachtkleed
root
rij
rues
graszode

Woorden met S

saas
saus
saloat
sla
saucisse
salami
schaa
schouw
schaloes
jaloers
schalotteren
beschadigen, kneuzen
schaprui
kelderkast
schee
scheiding
scheirmachien
scheerapparaat
schep
paardenstoofvlees
Schètse
Schaatsen
schippen
trappen
schoaf
lade
schofferdeine
ijsschaatsen
Schooer
bedelaar
schooljufra
juf
schoolmiester
leraar
Schoover
lunchpakket
schots te pas
Misselijk
schramulle
asse
schramulle
asse van kolenstoof
schrik emme
bang zijn
schummel
schimmel
sebiet
dadelijk
sebiet
direct
seiresis
salami
semmeleir
treuzelaar
semmeleir
twijfelaar
semmelen
treuzelen
semmelen
twijfelen
serrewoordeg
tegenwoordig
seuzze
deken (tje)
sjaawele
lummelen
sjal
sjaal
sjans
geluk
sjansaar
geluksvogel
sjarlot
sjalot
sjeislon
ligzetel
sjiek – tuttefrut
kauwgum
sjiekelettenbak
kauwgom automaat
sjikken
kauwen
sjoeke
éclair
sjoempelen
struikelen
sjotten
voetballen
slapeleif
onderhemd
sleuter
sleutel
sloeffen
pantoffels
slokkers
schoenen zonder hak
sloppel
slaapwel
smazen
achterhouden
smoeletrekker
zuur snoepje
smoere
roken
smotske
washandje
sneustere
snoepen
soemijle
soms
soemijle
soms
soie
breiwol
sosjetait
muziekvereniging
spaan
overgeven
spekkelaus
speculoos
Speuns’ tèrf (Spaanse tarwe)
maïs
spineuzze
spinazie
spins
mutsaard
spoose
portie
staat
stout
stajere
achter iemand aanlopen om verkering te krijgen
stamenee
herberg
stause
station
staut
staat
stekelbees
kruisbes
stessel
stijfsel
steutte
morsen
stjeit / kodde
staart
Ston
Staan
stopsel
stop
STRAMEIN
VERGIET
stroemain
vergiet
sumpel
gemakkelijk
swanturel
zijde
swenst
tegelijkertijd
swenst
terwijl

Woorden met T

taat
te oud
taike
hond
tallevendeu
middendoor
talloor
bord
tanne
tanden
tantist
tandarts
taufel
tafel
tèffere
timmeren
teirent
hun
teirling
dobbelsteen
tèk
tak
telefon
telefoon
Temst
Temse
ten
toen
tettejeir
beha
tetten
borsten
tettezot
borstengek
tingel
netel
Tingel
Brandnetel
tingele
netels
tiret
rits
toas
thuis
toebak
tabak
toeng
tong
toernavies
schroevendraaier
toert
taart
toespel
veiligheidsspeld
toeverheks
heks
tofleus of tottefleus
daarstraks
tomat
tomaat
tonderdaas
op donderdag
toot
aangezicht
totetrekke
gezichten trekken
tottefleus
daarstraks
traa
huwelijk
traain
trein
Traan
Trouwen
triporteur
driewielige bakfiets
troeffel
schop (schep)
troeffel
schop (scheppen)
troempet
trompet
troepmet
trompet
tun
toen
tutter
fopspeen
tweilf
twaalf

Woorden met V

vaalig
veilig
valies
koffer
valling
verkoudheid
van eir
opnieuw
van tien negen
hoogstwaarschijnlijk
vandeeg
heel
vantsein
zijkant
vanzelève
ooit
vaus
vaas
vazeleive
van zijn leven
veige
vegen
verassereerd
verzekerd
verke
kus
verket
vork
verniet
gratis
verniet
voor niets
vettigen dest
vetzak
veusschoot
short
viggen
biggen
vinder
vinger
vliegenier
piloot
vlieger
vliegtuig
vlim
scherpe snede
vlo
fiets
vod
schoteldoek
voil
vuil
voituur
kinderwagen
volleges
volgens

Woorden met W

weef
weduwe
welle / woa
wij
weps
Wesp
werm
warm
werm ete
diner
weveneir
weduwnaar
wiëbak
weekbak
wiezeweus
wemelaar
wit en zwet
paardensalami
woaf / vraa
vrouw
wouter
water

Woorden met Z

zaat
zout
zaat
zout
zakosh
handtas
zauvel
zavel
zeille
zij
zeitel
zetel
zenne
hoor
ziëke
urineren
zingelen
tintelen
zjat
kopje
zjemenas
gymnastiek
zjemmelap
zeemvel
zjummelap
zeemvel
Zo rot as voenk
Helemaal verrot
zoil
zadel
zoud
zaad
zuuk
zoek
zuuken
zoeken
zuut
zoet
zweir
zweer
zweire
zweren
zwemkoem
zwembad
zwet
zwart
zwetse
raaskallen
zwolm
zwaluw

Bron: Bornem Nieuws – Beurms woordenboek. Ken je nog een woord of gezegde? Stuur je aanvulling naar de redactie.